17 februari 2017

Communicatieprofs, als de journalistiek valt, leidt dat ook tot onze ondergang

Het is tijd om het belang van de luis in de pels te onderschrijven

Dit blog verscheen eerder ook op Communicatie online.

Hoe verschillend de beroepsgroepen ook mogen zijn, journalisten en communicatieprofessionals hebben op zijn minst één gemeenschappelijk belang: de bestaanszekerheid van de objectieve, waardevrije journalistiek. Nu de journalistiek op zoveel fronten onder druk staat is het tijd voor communicatieprofessionals om het belang van waardevrije media keihard te onderschrijven.

Kritiek vanuit het journaille op communicatiemensen is er genoeg. ‘Ze zijn met te veel, ze verdraaien de werkelijkheid en houden journalisten weg bij de mensen die echt iets te verantwoorden hebben.’ Zomaar een greep uit de klachten die bijna iedere journalist je op een presenteerblaadje zal geven als je hen erom vraagt. Vice versa zijn de vooroordelen van communicatieprofessionals ook niet van de lucht: ‘Ze zijn lui, ze praten elkaar na en zijn door hun vooringenomenheid niet geïnteresseerd in de andere kant van een verhaal’.

Gepolariseerde werkelijkheid 

Door deze negatieve ervaringen van de ene beroepsgroep met de andere – of van het ene individu met het andere – is het beeld ontstaan dat de twee beroepsgroepen tegenpolen zijn, met totaal tegengestelde belangen. Gelukkig is ook dit beeld van een gepolariseerde werkelijkheid slechts schijn: zoals zo vaak is het niet zwart of wit, maar kleurrijk en divers.

Zo hebben beide beroepsgroepen één belangrijk gemeenschappelijk belang: de bestaanszekerheid van de objectieve, waardevrije journalistiek. Want het voortbestaan van onafhankelijke nieuwsmedia staat meer dan ooit onder druk.

Sectorbrede daling 

Al jaren kampen media met teruglopende oplages en kijkcijfers, direct gevolgd door dalende advertentiebudgetten. Minder inkomsten leiden tot reorganisaties en uiteindelijk zelfs het verdwijnen van complete titels met bijbehorende redacties.

‘Nieuws is toch gratis?’ hoor je veel mensen denken. Nee dus. Het produceren van journalistieke stukken is mensenwerk. Dit kost tijd en dus geld. En ondanks de vele experimenten met alternatieve verdienmodellen, is de sectorbrede daling aan inkomsten – met alle gevolgen van dien – nog altijd niet gestuit.

Alternatieve feiten

Maar financiële en personele problemen zijn niet de enige problemen waar media mee kampen. De opkomst van zogenaamde nieuwssites én opiniesites zoals Breitbart, De Dagelijkse Standaard, The Post Online en Joop, werd lange tijd met name gezien als een interessante, maar niet al te serieus te nemen aanwinst voor het medialandschap.

De recente opkomst en kennelijke acceptatie door een groot deel van de bevolking van het concept ‘alternatieve feiten’ zorgt echter voor een nieuwe dynamiek. Nu meningen (of alternatieve feiten) worden gepercipieerd als iets dat je naast een objectief onderzochte werkelijkheid kunt stellen, waarna je als lezer zelf kunt kiezen welke ‘visie’ het beste in jouw werkelijkheid past, rijst het grote gevaar van het imploderen van onze waardering voor objectieve journalistiek en de rol van de expert.

Minst slechte systeem

Niemand pretendeert dat objectieve nieuwsmedia de waarheid spreken, maar het onafhankelijk omschrijven en duiden van feitelijke gebeurtenissen met journalistieke groundrules als basis, is the best we can get.

Het kiezen van een bepaalde werkelijkheid levert weer directe gevaren op voor de maatschappij en het democratische systeem waarin we leven (en onthoud: dat blijft toch het minst slechte systeem van allemaal). Wie controleert per slot van rekening nog de lokale wethouder op corruptie, als de grootste schreeuwerd met een lokaal opinieblog vindt dat het geven van een paar rondjes in de voetbalkantine van gemeentegeld ‘prima moet kunnen’.

Koester de luis in de pels

In een wereld waar ieder individu kan kiezen uit verschillende werkelijkheden, hebben ook communicatiemensen een zeer groot probleem. Naast het feit dat het ook hun democratie is die kapot gaat, valt er tegenover de opiniërende manier van ‘berichtgeving’ geen enkele feitelijke inbreng die de auteur niet welgevallig is in te brengen.

Het filter dat de journalist ooit toepaste met de journalistieke vuistregels van onafhankelijkheid, hoor- en wederhoor en waarheidsgetrouwheid verdwijnt. En er komt ook nog eens een nihilistisch niets voor in de plaats.

Het zijn de willekeur en de dogmatische hersenspinsels – vaak geframed als ‘de stem van het volk’ of ‘anti linkse elite’ – die dan nog de enige selectiecriteria zijn voor het wel of niet delen van informatie met het publiek. Daar kan uiteindelijk ook geen eigen communicatiekanaal als een corporate website of Twitterkanaal tegenop.

Verhalen verliezen waarde

Onafhankelijke journalisten zijn dan misschien de luizen in de pels van de samenleving, het zijn wel de luizen die de pels gezond houden. Het bestaan van onafhankelijke nieuwsmedia is onlosmakelijk verbonden met het vak van communicatieprofessional en de val van de één zal leiden tot de ondergang van de ander. Zonder integere journalistiek valt het vertrouwen in de boodschap van de communicatieprofessional weg en verliezen verhalen hun waarde.

Het is dan ook de hoogste tijd voor de communicatiebranche om de rug te rechten en als één blok voor de journalistiek te gaan staan.

Deel dit nieuwsbericht